Sport


Naarmate de Olympische Spelen vorderen, wordt steeds duidelijker dat de Nederlandse vrouwen het veel beter doen dan de Nederlandse mannen. Van de 13 medailles gingen er slechts 2 naar mannen, 10 naar vrouwen en 1 naar een gemengd team. Hoe dat komt? Atletiekcoach Kraaijenhof komt met de volgende verklaring:

Volgens Kraaijenhof is er één aspect dat zeer nadrukkelijk in het voordeel van de vrouwen spreekt. ,,Ze zijn doorgaans gemotiveerder en vasthoudender. Ze bijten door. Ze gaan, zoals dat heet, tot het gaatje. Als ze zich een doel hebben gesteld, dan gaan ze er niet voor honderd maar voor honderdenéén procent voor.’’

Natuurlijk is dat onzin. Nou ja, niet noodzakelijk dat vrouwen tot het gaatje gaan, maar wel dat dat zou leiden tot meer medailles voor de Nederlandse dames. Immers: Nederlandse vrouwen moeten concurreren met andere vrouwen, die net zo goed tot het gaatje gaan. Terwijl Nederlandse mannen mogen concurreren met andere mannen, die al net zulke lapzwansen zijn. Dat Nederlandse vrouwen het relatief beter doen dan Nederlandse mannen, wordt daarmee niet verklaard.

Waarschijnlijk zit er veel meer in een andere verklaring, die coach Westphal en Kraaijenhof ook geven:

In veel culturen speelt de vrouw nog een ondergeschikte rol. In Nederland zijn vrouwen geëmancipeerd, ze krijgen meer kansen en grijpen die met beide handen aan. Wij vinden het niet gek als ze net zo hard trainen als mannen, of zelfs harder.

Inderdaad, dat kan wel verklaren waarom Nederlandse vrouwen in een internationaal vrouwenveld het relatief beter doen dan Nederlandse mannen in een internationaal mannenveld. Ook hier gaat het dus om de comparatieve voordelen, niet om de absolute.

Zo. Heb ik er toch nog een economische draai aan weten te geven.

U heeft het waarschijnlijk al gehoord. Aanstaande vrijdag beginnen de Olympische Spelen en Nederland gaat 20 medailles halen, vier keer goud, zeven keer zilver en negen keer brons. Tenminste, volgens economen Kuper en Sterken in de ESB van anderhalve week geleden. Voor wie er toegang toe heeft, staat het oorspronkelijke artikel hier. De voorspelling is gebaseerd op uitslagen van wereldkampioenschappen enerzijds, en anderzijds een model gebaseerd op dingen als het gemiddeld inkomen, aantal inwoners en aantal deelnemers. Het Parool schrijft er vandaag weer over. En hier legt Elmer Sterken het allemaal nog eens uit aan Humberto Tan bij Radio 538.

Mooi doelpunt, gisteravond, van de Spaanse voetballer Fernando Torres. Commentator Frank Snoeks vond dat ook en maakte daarbij een opmerking over de marktwaarde van Torres, die “na dit doelpunt wel met 20 miljoen Euro omhoog is gegaan.”

Zou dat kloppen? Snoeks heeft verstand van voetbal en weet ook het een en ander van transfers. Maar hoe zit het met economie? Ik kan vier redenen bedenken waarom een goal in de EK-finale de marktwaarde verhoogt.

  1. Informatie. De goal laat kwaliteiten van de voetballer zien waarvan we het bestaan niet vermoedden. Dat is niet zo’n gek idee: je kunt niet zo vaak laten zien dat je kunt scoren onder de druk van de finale van een groot tournooi. Die kwaliteiten zijn de productiefactor van een voetbalclub, en clubs zullen nu meer willen betalen.
  2. Kopers. Scoren in de EK-finale zorgt voor naamsbekendheid en waardoor zich meer kopers melden. Dat drijft de prijs op. Iets dergelijks zit volgens mij onder meer achter de oplopende beurskoers van Apple in 2006 en 2007, meer nog dan hogere winstverwachtingen.
  3. Bekendheid. Het pure feit dat je de doelpuntenmaker uit de EK-finale op het veld brengt doet de toeschouwers toestromen, en maakt de speler meer waard. Voetbal doet er niet toe. Zoals bij de gele-trui-drager uit de Tour in het criterium van Boxmeer.
  4. Scoren maakt beter. Juist door het maken van het winnende doelpunt wordt Torres een betere voetballer. Zelfvertrouwen, nietwaar? Dit punt, versus #1, lijkt wel wat op de discussie over de waarde van onderwijs.

Het lijkt mij sterk dat punten 1 en 2 veel gewicht hebben. De markt voor spelers is er te groot en te liquide voor. Alle informatie zou al in de huidige prijs verwerkt moeten zitten. Ik geloof ook niet heel erg in 4. Maar is punt 3 zoveel geld waard? Misschien wel: Beckham krijgt een miljoen per week voor zijn werk in een matige competitie. In dat geval is het voor Torres beter om met 1-0 te winnen en de enige doelpuntenmaker te zijn, dan met bijvoorbeeld 5-0.

Luttele uren voor de eerste wedstrijd van Oranje meld ik nog even dat we de bovenkant van de site vervangen hebben door de marktprijs EURO.08.HOLLAND van Tradesports. Dat aandeel geeft de procentuele kans weer dat Nederland over twee en een halve week met de cup in handen staat. De handel is wat dun maar de huidige 6.5 procent lijkt mij ballpark correct. De koers bij het EK-beleggen (pas op: zware sponsoring) staat op 12 procent. Dat niemand iets aan dit verschil doet geeft aan dat de markten nogal wat beperkingen kennen.

Ik hoop dat mijn buurman, als het zover is, zijn huis weer snel beige zal verfen. Tegen die tijd komt ook onze 50 gulden weer terug.

De FIFA, de wereldvoetbalbond, lijkt langzaam maar zeker af te stevenen op een regel die zegt dat clubs maximaal vijf spelers op mogen stellen die niet voor het eigen nationale elftal uit mogen komen. Doel van de regel is onder meer het beschermen van de kansen van jonge spelers in landen waar het grote geld de competitie over heeft genomen (Engeland wordt vaak als voorbeeld genoemd). De Europese Commissie dreigt met een verbod op de regel, die niet strookt met het vrije verkeer van personen in de EU.

Dat vrije verkeer van personen is een belangrijk recht, dat economisch goed uitpakt. Het idee is dat elke EU-burger overal in de Unie mag werken, en als de burger daarbij kiest voor het hoogste loon dan leidt dat tot efficiënte uitkomsten. Efficiënt omdat bedrijven het best mogelijke team samen kunnen stellen, en efficiënt omdat lokale economische schokken makkelijker opgevangen kunnen worden.

Maar je kunt je afvragen of voor voetbalteams dezelfde principes gelden. Een efficiënt bedrijf, met de beste werknemers van over de hele wereld, maakt zijn klanten blij door een hoge productie en een lage prijs. Daarbij is iedereen gebaat. Een efficiënt voetbalteam, opgebouwd uit de beste spelers ter wereld, wint van iedere tegenstander. Dat is leuk voor de fans, maar vervelend voor de rest van de teams. Het zero-sum-product voetbal is veel meer gebaat bij teams die ongeveer even goed (of slecht) zijn, zodat het resultaat onvoorspelbaar is. Onvoorspelbaarheid is ook één van de doelen die de FIFA zegt te dienen met de 6+5-regel.

Maar als onvoorspelbaarheid het doel is, zijn er dan geen andere middelen die niet tegen het vrije verkeer van personen ingaan? Een logische kandidaat is het draft-systeem van de Amerikaanse NFL.

The fundamental principle of the draft is that the team with the worst record from the previous season will have the first choice of players, and the team with the next worst record will choose next, and so forth.

Een dergelijk systeem heeft ook als voordeel dat de allocatie van jonge spelers op een georganiseerde markt plaatsvindt en niet onderhands, zoals nu vaak het geval is. Dat is beter voor de jonge spelers zelf, die daarmee een groter gedeelte van hun waarde incasseren. Wel is het waarschijnlijk dat er dan meer buitenlanders in elk team spelen.

Het zal mij benieuwen hoe deze krachtmeting tussen de FIFA en de EU uitpakt. De EU is de baas, maar de FIFA kan een joker inzetten met schier eindeloze krachten: JC is voor 6+5. Update 5/6 De NRC vindt dat het geld, niet de spelers, eerlijker verdeeld moet worden.

Twee jaar geleden was het WK voetbal, een evenement waar we destijds op deze site veel aandacht aan besteed hebben. Het is een kleine moeite om de berichten van toen naar de tegenwoordige tijd om te zetten, met betrekking op het aanstaande EK. Zoals dit bericht, dat meldde dat het aandeel Nederland op de WK-markt bij Tradesports 0.057 noteerde. De kans dat Nederland op het moment van schrijven de EK op zijn naam schrijft ligt, volgens dezelfde bron, tussen de 6 en de 7,5%. Duitsland is favoriet.

En mag ik ook nog even wijzen op mijn eigen commentaar van destijds? Wie maximaal gelukkig wil worden moet in zijn EK-poule, als fan van oranje, inzetten op verlies van Nederland. Dan is er namelijk altijd iets te vieren. Nog steeds een goed advies, maar luisteren, ho maar.

Volgens economen is er sprake van een efficiente allocatie als goederen terecht komen bij degene die er de hoogste waardering voor heeft. Wat betekent dat voor het komende EK voetbal? De ING heeft het uitgezocht [pdf, zie ook hier] . De gemiddelde Nederlander heeft er 30 euro voor over als Nederland kampioen wordt. Een verrassend laag bedrag, overigens. Met 16.5 miljoen inwoners [bron], waarbij we voor het gemak alle zuigelingen en anderszins niet handelsbekwamen ook maar even meerekenen, komt dat op een totale nationale willingness to pay van een half miljard euro. ING heeft het ook uitgezocht voor een aantal andere Europese landen. Via een soortgelijke berekening komen we dan op 300 miljoen voor Belgie (30 per inwoner), 790 miljoen voor Frankrijk (13), 3 miljard voor Engeland (59), 3,5 miljard voor Italie (60) en een verpletterende 6,7 miljard voor Duitsland (80 per inwoner). Andere landen zijn helaas niet onderzocht, maar komen vast niet hoger uit.

Op basis hiervan lijkt het wel duidelijk wie er Europees kampioen moet worden. Hoewel. Stel nu eens dat we alle niet-Duitse Europeanen vragen hoeveel zij er voor over hebben als Duitsland geen Europees kampioen wordt. Ik vrees dat dat een behoorlijk bedrag gaat opleveren, misschien nog wel meer dan wat de Duitsers bereid zijn op te hoesten voor een titel. En natuurlijk moeten we ook dat bedrag meenemen als we de totale Europese welvaart berekenen. De Engelsen en Italianen hebben ook zo hun vijanden, zij het waarschijnlijk in wat mindere mate dan de Duitsers. Bijna iedereen, daarentegen, vindt het Nederlands elftal sympathiek.

Misschien kunnen we zo toch nog op economische gronden argumenteren dat het Nederlands elftal de Europese titel moet winnen.

Overigens staat hier de theorie achter dergelijke veilingen met externaliteiten. Van een Duitse, een Franse en een Italiaanse econoom.

Stel, je hebt een hekel aan sporten maar overweegt om eraan te beginnen omdat het leidt tot een langer leven. Maar stel ook dat Midas Dekkers gelijk heeft en de lengte van je leven (in verwachte waarde) exact toeneemt met de tijd die je aan sporten besteedt. Is er dan nog sprake van een opbrengst?

Ik zou zeggen: ja. Ik weet niet hoe het met u is, maar ik brand van nieuwsgierigheid over de gebeurtenissen in 2060. Als ik, door vandaag een rondje hard te lopen, de kans groter maak dat ik de Olympische Spelen van dat jaar kan zien (als ze nog bestaan) dan is dat een opbrengst. Idem voor het meemaken van mijn achterkleinkinderen en de Linux kernel versie 12.2.0. Je kunt zeggen: ik hecht waarde aan absolute tijd.

In de bovenstaande simplificatie van het effect van sporten kun je, als het ware, je leven even op pauze zetten. Als zo’n techniek echt bestond, dan was er vast wel vraag naar. Maar nu de economie. Want als ik een standaard intertemporele nutsfunctie maximaliseer met een positieve tijdsvoorkeurvoet, dan wil ik helemaal geen pauze in het leven. Alles wat verder weg ligt is immers minder waard. Klopt dat model eigenlijk wel?

(Onbegrijpelijke anecdote voor theoretici volgt.)
(meer…)

Vorige week vond er een unieke gebeurtenis plaats bij het bestuur van een Europese voetbalclub. Nee, dan hebben we het niet over Ajax, maar over Engelse vijfdeklasser Ebbsfleet United, voorheen bekend als Gravesend & Northfleet. De club is namelijk overgenomen door website Myfootballclub. Iedereen die 35 pond betaalt krijgt een aandeel in de club en mag meepraten over alle belangrijke beslissingen, inclusief de opstelling die elke week via internet in stemming gaan worden gebracht. De ultieme macht-voor-de-aandeelhouder dus eigenlijk, behalve dan dat iedereen niet meer dan 1 aandeel in bezit mag hebben. Inmiddels hebben meer dan 28.000 liefhebbers zich aangemeld. Volgens de BBC is dit de eerste overname van een bedrijf door een internetgemeenschap. U kunt zich nog aanmelden.

[via]

Een centrale vraag in de judometrie, zo leerden wij vorige week, is of de kleur van het pak invloed heeft op de uitslag van een wedstrijd. De heersende opinie scheen te zijn dat mannen in witte pakken een nadeel hebben ten opzichte van mannen in blauwe pakken, maar recent onderzoek, onder meer van ene Peter Dijkstra, suggereert anders. Voor de details moeten we ons wenden tot de buitenlandse pers. Reuters heeft het hele verhaal:

However, Dijkstra said those [earlier] studies did not take into account that higher seeded — and therefore more skilled — competitors wore the blue uniforms. So it made sense that they would win more often, he said.

Moment. De eerdere studies hielden er geen rekening mee dat sporters die hoger op de wereldranglijst staan nu eenmaal vaker een blauw pak dragen? Ja maar, ja maar, zouden ze niet juist zo hoog staan omdat ze altijd in een blauw pak strijden? Met andere woorden, het probleem van causaliteit lijkt hier nog steeds niet mee opgelost.

Ook sluit ik niet uit dat de optimale pakkeuze van de tegenstander afhangt. Tegen sommige tegenstanders is misschien een wit pak slimmer, tegen ander een blauw. Om die reden adviseer ik dan ook dit pak.

Wat zegt u? Judo heeft niets met economie te maken? Jawel hoor, kijk maar eens hier.

« Vorige paginaVolgende pagina »