Arbeidsmarkt


In tijden van crisis heeft men vaak de neiging tot overreactie. Zo is het tegenwoordig bon ton om te beweren dat al die marktwerking maar niets is, dat Nederland is doorgeschoten naar het Angelsaksische model en dat we toch vooral weer terug moeten naar het Rijnlandse model. Zie bijvoorbeeld de plannen die de SP gisteren lanceerde.

Marktwerking kan helemaal niets meer goed doen, zo lijkt het. Daarom, bij wijze van opfrisser: wat is er ook al weer gebeurd met de werkloosheid sinds we die vermaledijde marktwerking aan het eind van de jaren ’80, begin jaren ’90 steeds verder invoerden? Oh ja:

werkloosheid

[Bron: CBS; werkloosheid (gemiddeld per jaar) gedeeld door beroepsbevolking.]

Bij een transactie tussen een koper en een verkoper horen drie bedragen: het minimale bedrag waarmee de verkoper genoegen zou nemen, het maximale dat de koper zou willen betalen en de daadwerkelijke prijs. Als de eerste kleiner is dan de tweede dan gaat de transactie door, en ligt het derde bedrag ertussen in.

In dat geval is er sprake van surplus (door de echte econoom uitgesproken op z’n Frans). Producentensurplus is het verschil tussen één en drie, consumentensurplus is het verschil tussen twee en drie. Wat bepaalt de prijs, behalve de twee grenswaarden? Als er geen andere klanten of aanbieders zijn dan is dat een zaak van onderhandelen. Als beide partijen wel alternatieven hebben, dan is er een markt. De prijs wordt dan bepaald door overwegingen van schaarste. Daardoor kan het surplus van één van beide partijen flink oplopen, en dat is een goede zaak.

Deze kleine, theoretische, expositie brengt onmiddelijk het twijfelachtig niveau van dit onderzoek aan het licht. Men is erachter gekomen dat de gemiddelde werkgever een startende HBO’er veel meer betaalt dan het minimum waarvoor die HBO’er aan het werk zou gaan. Het bestaat de onderzoekers zelfs om te concluderen: “Bedrijven laten zich veel te sterk opjutten door de markt”.

De juiste conclusie is natuurlijk dat HBO’ers schaars zijn en dat hun surplus (producenten-, in dit geval) daarom oploopt. Een goede zaak. (Overigens wordt het surplusbegrip vaker niet begrepen, hetgeen zelfs economen boos kan maken. Maar ik houd mij in.)

We zullen iets moeten zeggen over het rapport van de commissie Bakker, dat vandaag uitkomt (samenvatting, rapport, argumentenkaart, alles pdf). Dat is haast niet te doen: er staat enorm veel in het rapport en toch is het een product van een commissie, met alle compromissen en vaagheden van dien. Een paar observaties dan maar.

  • Opmerkelijk is de toonzetting. Er is genoeg werk voor iedereen, de vraag is hoe vraag en aanbod op elkaar af te stemmen. Veel kan met pijnloze maatregelen: de scholen langer open, flexibel werken, een electronisch vaardighedendossier. Dat klinkt vriendelijk en opbouwend, de toonzetting is een stuk minder confronterend dan dan die van Minister Donner.
  • Een andere manier om meer mensen te laten werken is door uitkeringen en marginale belastingen te verlagen. Dat gebeurt ook, al wordt het niet zo aangeduid. De belangrijkste marginale werknemer is volgens Bakker de part-time werkende vrouw. Die ziet het de overdraagbare heffingskorting sneuvelen (minder uitkering) terwijl de staatsbijdrage in de kinderopvang niet afneemt als ze meer gaat werken. Stok en wortel moeten tienduizenden FTE’s opleveren.
  • Ouderen moeten ook meer werken, maar dat was in feite al langer aan de orde. De kranten koppen “werken tot 67 voor hetzelfde pensioen”, dat lijkt een verslechtering maar het valt wel mee, er hoeft ook minder premie betaald te worden. De verminderde aftrekbaarheid daarvan is alleen slecht voor wie er per se met 65 uit wil.

Misschien is het nuttig om ook nog eens naar het alternatieve scenario te kijken. Gebeurt er niets, dan hebben we straks een tekort aan beschikbare arbeid. Maar daar houdt het niet mee op, natuurlijk: een logisch gevolg is hogere (bruto-) lonen, verminderde concurrentiekracht, vertrek van bedrijven en het krimpen van de Nederlandse economie totdat vraag en aanbod van arbeid weer in evenwicht zijn. Met een kleine economie en hoge lonen is het moeilijk de inactieven (gepensioneerden en werklozen) van inkomsten te voorzien. De groepen die gevaar lopen als er niets gebeurt zijn dus niet zozeer de werknemers van de komende jaren, maar zij die hopen te profiteren van de welvaartsstaat. Maar juist de reacties van de vertegenwoordigers van die groepen zijn het minst positief.

Premier Balkenende vindt dat er in Nederland te veel geklaagd wordt. Als je in de Volkskrant van vanochtend leest over de laatste werkloosheidscijfers, zou je hem haast gelijk gaan geven.

De werkloosheid is sinds 2002 niet meer zo laag geweest. Dat is goed nieuws, zou je zeggen. Maar de Volkskrant weet er toch nog een negatieve draai aan te geven:

Het tempo waarmee de werkloosheid daalt, neemt af. [...] In de eerste helft van 2007 telde Nederland elke maand 7.000 werklozen minder. Dit jaar zijn dat er 3.000 per maand. [...] De daling van de werkloosheid per maand is met 57 procent verminderd. Volgens Michiel Vergeer, econoom van het CBS, had dat nog erger [sic] kunnen zijn als de kredietcrisis in Nederland diepere sporen had nagelaten.

Gister kwam ie al voorbij in de rechterkolom, het bericht dat de gemeente Nijmegen stopt met anoniem solliciteren omdat het experiment mislukt zou zijn. Vandaag komt de Volkskrant met wat meer informatie:

Tijdens het experiment werden de brieven bij de helft van de gemeentelijke diensten weggelakt. Bij de diensten waar geen gegevens waren weggelakt werden minder allochtone (9 procent) dan autochtone (16 procent) sollicitanten uitgenodigd voor het eerste gesprek. Bij de diensten met de weggelakte gegevens werden evenveel allochtonen als autochtonen uitgenodigd (10 procent).

Uit de context valt niet op te maken of dat een statistisch significant verschil is, maar dat moet haast wel. 16 procent of 10 procent, dat scheelt nogal wat. Maar het bericht gaat verder:

De gemeente Nijmegen durfde het niet aan dit verschil te duiden. Het zou toeval kunnen zijn, of een onbewuste voorkeur voor briefstijlen. Misschien waren leidinggevenden alerter door het experiment.

Tja, dat hadden ze natuurlijk vantevoren moeten bedenken. Als dat echt een bezwaar is, dan had het experiment beter opgezet moeten worden. Uitkomsten van een dergelijk onderzoek kunnen altijd toeval zijn, maar daar hebben we betrouwbaarheidsintervallen voor. Het argument “het zou toeval kunnen zijn”, is dus weinig valide. We gaan verder:

Daarom werd besloten tot een tweede meting. Die maakte duidelijk dat het bij de ene helft van gemeentelijke diensten niet uitmaakt of de namen van allochtonen wordt weggelakt en bij de andere helft wel.

Als er bij de helft een effect nul is, maar bij de andere helft een positief effect, dan lijkt me voor de hand te liggen dat het totale effect wel degelijk positief is.

Het heeft er alle schijn van dat het experiment niet mislukt is, maar dat de gemeente Nijmegen niet durft toe te geven dat haar medewerkers discrimineren.

Soms wordt een mens een beetje moe van de manier waarop economisch onderzoek in het nieuws komt. Neem nu dit bericht:

Het aantal werknemers in Nederland met een laag uurloon is sinds 1979 sterk gegroeid, van circa 0,6 miljoen naar 1,25 miljoen. Dit concluderen onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam (UvA) dinsdag op basis van eigen onderzoek.

Ja maar. Een “laag uurloon”!? Hoezo een laag uurloon? Hoe wordt dat gedefinieerd dan, zo’n laag uurloon? En hoe is die definitie aangepast tussen 1979 en 2008? Of geven die werknemers zelf aan dat ze het laag vinden? En is het erg, dat veel mensen een ‘laag uurloon’ hebben? Of juist niet, omdat al die mensen anders werkloos zouden zijn? Allemaal vragen die in het bericht onbeantwoord blijven. Maar gelukkig, er is ook een verklaring voor het Fenomeen:

Als belangrijkste reden noemen de onderzoekers dat het aantal deeltijdwerkers sterk is toegenomen.

Ja maar. Verdienen deeltijdwerkers minder dan voltijders dan? Zij houden netto gezien toch juist meer over? Is daar rekening mee gehouden?

Het zou heel goed kunnen dat er met het onderzoek helemaal niets mis is. Maar met zo’n nieuwsbericht kunnen we weinig.

Gisteravond een spoeddebat in de kamer over de kwestie vliegtax. Schiphol riep vorige week dat die belasting 12.000 banen zou kosten.  Staatssecretaris De Jager bezweert dat daar geen sprake van is, haalt CPB-onderzoek aan en concludeert

Nee, herhaalde hij, er is geen sprake van banenverlies; wel zal de groei van werkgelegenheid afnemen met vijf tot tienduizend banen.

Goed, blijkbaar overdreef Schiphol een beetje, maar dat kan je verwachten van een belanghebbende. Wat de berichtgeving echter suggereert, is dat de kamer gerust is gesteld, niet omdat het banenverlies een paar duizend lager blijkt te liggen, maar omdat het gaat om een afname van de groei van werkgelegenheid, in plaats van een verlies aan banen die nu bestaan.

Dat is vreemd. In beide gevallen gaat het om banen die er zonder een vliegtax wel zouden zijn, maar met een vliegtax niet. Voor wie belang hecht aan werkgelegenheid zou het niet moeten uitmaken of die banen op dit moment wel of niet bestaan. Maar blijkbaar gaat het in de politiek niet om werkgelegenheid, maar om het beschermen van mensen die nu een baan hebben. Zie trouwens ook hier.

Onlangs sprak ik met mijn buurman over Poolse stukadoors, een onderwerp waar ik me hier ook wel eens over uitgelaten heb. Mijn buurman vond het toch wel erg oneerlijk voor die Nederlandse jongens die ineens moesten concurreren met mensen die voor de helft van het salaris wilden werken. En vond ik het dan rechtvaardig dat die jongens plots geen geld meer hadden voor hun vakantie, allemaal dankzij die Polen?

Natuurlijk protesteerde ik dat er veel meer mensen profiteren van goedkope stukadoors dan er last van hebben, maar het is een moeilijk te verkopen verhaal. De winsten zijn diffuus, de verliezen makkelijk aan te wijzen. En wie met burgers in plaats van economen praat heeft een hoop uit te leggen.

Goed, ik deed mijn best maar was niet zo hard line als Steven Landsburg in dit artikel over compensatie voor hen die door handel zonder werk zitten, een belangrijk onderwerp in de Amerikaanse politiek. Landsburg zegt: dikke pech, we compenseren de kruidenier ook niet als ernaast een supermarkt opent. Reacties alom van bloggende economen, de meesten hebben toch meer medelijden met de verliezers. Het verschil, zo lijkt het, is dat sommige schokken verwacht zijn en sommige niet. Slachtoffers van onverwachte schokken kunnen rekenen op mededogen.

Wat betreft de stukadoors kun je onze Nederlandse bouwvakkers moeilijk aanwrijven dat ze de val van de muur niet aan hebben zien komen. In die zin is er wel een zaak voor bescherming. Maar, en zo kwam ik er toch nog uit met mijn buurman: als je niet kunt concurreren op prijs, concurreer dan op kwaliteit. Op die manier kan de schade alsnog beperkt worden.

Misschien weet u het nog. In juni berichtten wij (hier en hier) over het initiatief van Manpower om de effectiviteit van anoniem solliciteren te onderzoeken. Vandaag heeft de organisatie de resultaten bekend gemaakt. Het onderzoek blijkt degelijker dan de aanvankelijke berichtgeving suggereerde. Manpower gebruikte het om 20 nieuwe werknemers te werven:

Ieder CV dat via internet bij ons binnenkwam, is beoordeeld door ‘ziende’ en ‘blinde’ lezers. De ‘blinde’ lezers zagen van de personalia alleen de woonplaats. Naam, geslacht, leeftijd, geboorteplaats en huwelijkse staat waren onzichtbaar gemaakt.

De uitkomst? Volgens Manpower dat anoniem solliciteren geen invloed heeft op de kans op een vervolggesprek. Het persbericht staat vol met cijfers, maar jammer genoeg nu net niet de cijfers die nodig zijn om te beoordelen of die conclusie valide is. Bij hoeveel sollicitanten trokken de ziende en blinde lezers een andere conclusie? Hoe vaak waren de blinden positiever over een allochtoon? Hoe vaak juist niet? En hoe vaak over een autochtoon? Hoe vaak juist niet? Van die dingen. Ook is de vraag hoeveel ‘lezers’ er nu eigenlijk bij het onderzoek betrokken waren. Als beide commissies uit twee lezers bestonden, dan kunnen we hooguit conclusies trekken over die vier medewerkers van Manpower, niet over de arbeidsmarkt in het algemeen.

Ward schrijft:

“Er zijn verschillende bezwaren tegen de nieuwe ontslagregeling (zie ook prof. Kleinknecht vanochtend in NRC.Next vanochtend [helaas niet online]) sommige terecht, de meesten – in my humble opinion – onterecht. De FNV heeft een nieuwe reden gevonden waarom ontslag toch echt via de rechter moet gaan…. “de functie van rechters wordt uitgehold”. Daarom worden de kantonrechters opgeroepen om naar een grote manifestatie te komen in Maastricht en Eindhoven, ze zijn immers “lotgenoten”.

Volgens dezelfde redenering zou de overheid direct moeten stoppen met het terugdringen van criminaliteit. Dit doet de vraag naar rechters ook afnemen. Ben benieuwd wat de FNV hiervan vindt.

Het valt nog te bezien of de kantonrechters zich echt zorgen maken om hun baan en komen protesteren, deze beroepsgroep staat er in ieder geval niet om bekend.”

« Vorige paginaVolgende pagina »