Persoonlijk word ik soms een beetje moe van al die oproepen tot maatschappelijk verantwoord ondernemen, u weet wel, dat ritueel waarbij bedrijven met droge ogen beweren dat het hen helemaal niet om de winst te doen is maar om een Betere Wereld, en pressiegroepen dat vervolgens al dan niet geloven en op basis daarvan beweren al dan niet van de diensten van dat bedrijf gebruik te maken.

Neem nu de kwestie van de nieuwe huisbank van de Nederlandse overheid. Inderdaad, dat is de Royal Bank of Scotland geworden. Oxfam Novib vindt dat ongelukkig, en bankenexpert Peter Ras van die club staat al met een vingertje te wapperen:

Uit omvangrijk, internationaal onderzoek blijkt dat de bank slecht scoort op duurzaamheid; slechter dan de huidige huisbanken Rabobank en ING. Zo investeert RBS veel in olie en gas en nauwelijks in zonne- en windenergie.

Maar waarom en sinds wanneer is het verwerpelijk om in olie en gas te investeren!? Volgens mij zijn dat doodnormale en door iedereen geaccepteerde produkten. Goed, ze zijn vervuilend, maar als Oxfam Novib daar iets aan wil doen ligt het veel meer voor de hand om te pleiten voor een Pigou-belasting.  Als meneer Ras ‘s ochtends zijn verwarming aanzet, een kopje thee zet en vervolgens in zijn auto stapt, dan is dat allemaal alleen mogelijk bij de gratie van banken en individuen die ooit in olie en gas hebben geinvesteerd. En wat is daar maatschappelijk onverantwoord aan!?

Gemeenten in Nederland heffen steeds vaker belasting over reclame-uitingen op de gevels van winkelpanden. Dat winkeliers daar niet blij mee zijn is duidelijk, maar vandaag waarschuwt de Telegraaf het winkelend publiek op de voorpagina:

De reclamebelasting zorgt volgens de RND voor forse kostenstijgingen. In sommige steden gaat het om 5000 euro per winkel. [...] ,,De klant wordt de dupe. Die krijgt de rekening doorbelast.”

Het is mooi om te zien hoe winkeliers zich inspannen voor het belang van hun klanten, maar van deze analyse klopt natuurlijk weinig. Effecten van het invoeren van een reclamebelasting, van groot naar klein, zijn

  1. Minder reclame: Met afstand het grootste effect. De winkelier zal de opbrengst van een bord nu moeten vergelijken met grotere kosten, dat leidt ongetwijfeld tot (veel) minder uitingen. Voor zover reclame een zero-sum effect heeft (het herverdeelt klanten maar genereert geen vraag) is dat winst voor (bijna) iedereen.
  2. Lagere lasten voor burgers: Zolang de gemeentelijke uitgaven niet stijgen betekent een extra bron van gemeentelijke inkomsten dat bijvoorbeeld de OZB omlaag kan.
  3. Minder winst voor ondernemers: Volgens de economische theorie is de optimale prijs van een product recht evenredig met de marginale kosten daarvan. Vaste kosten, zoals de huur van de winkel of vaste belastingen, horen geen invloed te hebben op de prijs. Wel kunnen hogere vaste kosten ervoor zorgen dat sommige bedrijven niet meer winstgevend zijn, waardoor ze moeten sluiten. Alleen in die zin, door het kleiner wordend winkelaanbod, is de burger de dupe van de reclametaks.

Merk op dat onderdeel 3 alleen geldt als reclame niet zero-sum is, dat wil zeggen als reclame ervoor zorgt dat mensen dingen kopen die ze anders niet (elders) gekocht hadden. Al met al geen slecht resultaat voor deze taks. Als excessieve reclame als (negatieve) externaliteit gezien wordt is het een echte Pigou-belasting [eerder].

Is het erg dat alles in Nederland later gebeurt dan elders in de wereld? Soms wel, maar het heeft zijn voordelen. Dit initiatief van GroenLinks om verwarmde terrassen in Utrecht te verbieden (in verband met de uitstoot van broeikasgassen-nou ja) komt zo’n twee en een halve maand nadat hetzelfde geval in Engeland speelde.  Mooi, want dan hoef ik hier niet te verhalen over de inefficiëntie van een verbod vergeleken met een corrigerende Pigou-belasting: er is namelijk al een Engelsman die deze sterke argumenten in heeft zitten typen. Vertaalt u het zelf even?