We hebben het hier bij gelegenheid over verkiezingen en de stemparadox gehad: de kans dat je stem doorslaggevend blijkt is zo klein, dat het verwonderlijk is hoeveel mensen de moeite om te stemmen. Toch toont onderzoek aan dat mensen met meer democratische rechten gelukkiger zijn [eerder]. Dat kan zijn omdat hun overheid beter luistert en daarom de publieke diensten beter aansluiten op de vraag. Maar waarschijnlijker is dat er een vorm van procedural utility speelt: het uitbrengen van zijn stem zelf brengt de mens geluk.

Zoals altijd wordt geluk met name bepaald door relatief bezit. De auteur van bovenstaand onderzoek vertelde mij ooit dat mensen die niet mogen stemmen terwijl de rest dat wel mag (zoals buitenlanders), verdrietiger zijn dan inwoners van een land waar niemand mag stemmen. Denk dus vandaag even aan mij en al die andere inwoners van Nederlandse gemeenten waar vandaag, door omstandigheden, nog geen verkiezingen zijn.