Groei en krimp

NLbbp

Nu onze economie weer aan het krimpen is gaan we in zekere zin terug in de tijd. Qua BBP zitten we inmiddels in mei 2007. En dat terwijl er ook meer inwoners zijn. Per Nederlander produceren we nu evenveel als in het derde kwartaal van 2006. Is dat heel erg?

Het bruto binnenlands product blijkt een merkwaardige thermometer. Toen we de huidige waarde van onderen benaderden was er geen vuiltje aan de lucht en nu, als we van boven op hetzelfde punt landen, is het crisis. Hoe kan dat? Ik kan drie redenen bedenken.

De verdeling van het product. Niet alles gaat achteruit. Hoewel we evenveel produceren is de omvang van de beroepsbevolking sinds 2007 met 3,5% gestegen. Dat is grotendeels in extra werkloosheid gaan zitten. En hoewel de omstandigheden voor veel werknemers inmiddels wat beter zullen zijn dan in 2007, is er een groeiende groep werklozen die veel slechter af is. Het gemiddelde van die twee zegt niet alles. Verder bestaat ook tussen bedrijven een tweedeling. Een grote groep draait gewoon door, maar degenen die in een cyclische markt zitten hebben het zwaar.

Ten opzichte van de verwachting deden we het in 2007 erg goed. Het BBP groeide dat jaar met 3,9%, we zaten op de top van de conjunctuurcyclus. Voor wie een schatting had gemaakt door de groei van de jaren vóór 2007 door te trekken, kwam het BBP toch nog hoger uit dan gedacht. Bij bedrijven is dat een tijd waarin de winst boven verwachting is, wat goed is voor de beurskoers, dan wel het inkomen van de eigenaar. Verwachtingen worden verder naar boven bijgesteld. Voor het meest recente kwartaal geldt het omgekeerde. Trek je de (lage) groei van drie voorgaande jaren door, dan valt de productie eind 2012 toch nog zo’n 3% tegen. Bedrijven kunnen, als ze geluk hebben, net de vaste lasten opbrengen. De winst valt tegen, de beurskoers keldert. Dat heeft weer allerlei nare effecten die ons, als we niet oppassen, nog dieper in de put brengen. Het proces van het bijstellen van de verwachtingen naar beneden is bovendien een stuk minder prettig. Allerlei dingen die in het verleden nog heel gewoon leken, zijn ineens een stuk minder vanzelfsprekend.

Tenslotte is de dynamiek afgenomen. Dat hangt samen met de overschotten op de arbeids- en de woningmarkt, die er in 2007 niet waren. De kans dat de Nederlander in een vervelende baan zit maar geen ontslag durft te nemen, en zou willen verhuizen maar dat niet kan, is aanzienlijk groter. Dan kan, bij hetzelfde BBP, de welvaart toch lager zijn.

En daar ging de AEX

Het is pas een bloedbad als de eerste belegger van het balkon springt en zover is het volgens mij nog niet, maar de beurs gaat hard achteruit. De oorzaak daarvan ligt niet in Nederland: de conjunctuur is hier goed te noemen en onze banken zijn niet buitengewoon getroffen door de kredietcrisis. Maar omdat de bedrijven die in Amsterdam genoteerd zijn vooral in het buitenland hun geld verdienen klapte de beurs toch in.

Nu loopt de conjunctuur in Nederland alsnog gevaar. Ten eerste omdat we als land zeer afhankelijk zijn van de wereldhandel, en een recessie in andere landen ons uiteindelijk dus ook zal besmetten. En ten tweede vanwege die lagere koersen op het Damrak: dat gaat ten koste van het inkomen van Nederlandse consumenten, maakt het voor bedrijven moeilijker om kapitaal op te halen en zorgt voor hogere pensioenpremies onder de strenge regels voor dekking. Dit alles haalt de vaart uit de economie. En dat zeg ik niet alleen.

Dit slimme stuk in de NRC stelt dat die “koude douche” misschien niet eens zo erg is. Nederland leek namelijk hard op weg naar een oververhitting, stelt men, en de mogelijkheden daar iets aan te doen zijn beperkt. Nu krijgen we de afkoeling cadeau. De vraag is natuurlijk of de douche niet te vroeg is aangezet. Tekenen van oververhitting, dat zijn stijgende lonen en een hoge inflatie, en zo hard ging het daar nog niet mee.

Afijn, gebeurd is gebeurd. Groot voordeel is natuurlijk dat het nu weer mogelijk is om aandelen te kopen voor de prijzen van anderhalf jaar geleden.

Lees “En daar ging de AEX” verder