Nobel 2009 (2)

Zoals gebruikelijk geeft het Nobelcomite weer uitstekende achtergrondinfo [pdf] over de winnaars van dit jaar. Oliver Williamson houdt zich bezig met organisatietheorie: waarom worden sommige transacties op een markt afgehandeld en andere “transacties” binnen een bedrijf. Met andere woorden, hoe en waarom beslist een autofabrikant om, zeg, de ruitenwissers voor een auto extern in te kopen of juist zelf te produceren. Elinor Ostrom krijgt de prijs voor haar bestudering van de “Tragedy of the Commons” (die al veel vaker figureerde in onze kolommen). Ze schijnt op dat gebied uitgebreide case studies te hebben gedaan en verzameld en daar algemene lessen uit te hebben getrokken, en ook nog eens experimenten te hebben gedaan.

Het Nobelcomite presenteert de prijs als eentje voor organisatietheorie; beide economen bestuderen immers hoe een bedrijf of overheidsdienst het beste bestuurd zou kunnen worden (governance). De prijs voor Williamson ligt duidelijk in het verlengde van die voor Coase in 1991; de prijs voor Ostrom heeft een gedragseconomisch en experimenteel tintje en ligt ook wat in het verlengde van de prijs voor Aumann in 2005.  Opmerkelijk is dat beide auteurs niet echt van de hevige wiskunde zijn, en dat is in het verleden wel eens anders geweest.

Williamson heb ik ooit eens als student in Groningen gezien, waarschijnlijk in het kader van zijn toenmalige eredoctoraat. Hij bleek toen, ehm, niet echt een begenadigd spreker, met veel onverstaanbaar Amerikaans gemompel en nogal onleesbare teksten op het bord. En dat geeft de burger toch weer moed.

5 gedachten aan “Nobel 2009 (2)”

  1. Fijn dat er wat meer info bekend wordt gemaakt hier. De SVT uitzending in het Zweeds was toch wel spannend te noemen, want wanneer heb je de namen van de winnaars gemist?

    Zoals iedereen zegt: outsiders, zeker. Zoals elk jaar deed ik geen voorspellingen en zat er voor de verandering eens minder naast dan de mensen die wel voorspellingen hadden gedaan. ­čśë

  2. Is het heel erg dat ik beide economen niet ken?

    Zou het trouwens door de financiele crisis (en de bijbehorende kritiek op de economische wetenschap) komen dat er voor economen uit een ‘niet-standaaard’ vakgebied gekozen is?

  3. Ik vind vooral de combinatie Ostrom-Williamson vreemd. “Economic governance” wordt hier erg breed ge├â┬»nterpreteerd.

    Ostrom is overigens bij milieueconomen zeker niet onbekend: haar werk wordt veel gelezen en aangehaald. Ik had overigens liever een echte prijs voor milieueconomie gezien, dan de halve die er nu is. Bv. het trio Nordhaus-Weitzman-Chichilinsky, waarbij de laatste de eerste vrouwelijke winnaar was geweest.

    Eeuwige kandidaat Dixit had hier ook best bijgekund. Hij heeft leuke dingen geschreven over governance.

  4. @Peter: Inderdaad, outsiders. Het blijkt overigens dat het allebei even grote outsiders waren: zowel Williamson als Ostrom scoorden 50 tegen 1 bij Ladbrokes.

    @Eelco: Dat denk ik zeker. Zie ook een eerdere post.

    @Pim: Geheel eens. Enerzijds een milieuprijs voor Nordhaus/Weitzman/Ostrom of anderzijds een organisatieprijs voor Williamson in combinatie met bijvoorbeeld Alchian, Klein, Hart, Demsetz, en/of Holmstrom waren allebei een stuk logischer geweest.

    Inderdaad, de vooruitzichten voor Dixit worden steeds hopelozer. Ook dit jaar had ie er weer probleemloos bij gekund, net als vorig jaar en al een aantal keren daarvoor. Die man dreigt wel een beetje de Joop Zoetemelk van de Economische Wetenschappen te worden. Maar goed, die won uiteindelijk toch ook nog de Tour de France.

  5. Dixit dreigt de Poulidor van de economische wetenschap te worden. Raymond Poulidor stond acht keer op het podium in de Tour de France, maar won nooit en droeg zelfs nooit de gele trui. Altijd was Anquetil hem de baas. En toen Anquetil er mee ophield, begon Eddy Merkx…

Reacties zijn gesloten.