Risico

11 maart 2011: de nucleaire ramp in Fukushima. De politieke oproer die ontstaat is enorm. Iedereen is het eens: dit nooit meer. Veel belangrijke vragen moeten worden beantwoord. Hoe heeft dit kunnen gebeuren? Hoe kan voorkomen worden dat het nog eens gebeurt? Zijn alle veiligheidsprocedures in orde? En werden ze correct nageleefd? De discussies in het parlement spitsen zich in de week na de ramp dan ook toe op die ene cruciale vraag: of het salaris van de nieuw aangestelde directeur niet te hoog is.

Tja, ik kan het ook niet helpen. Maar na alle discussies van de afgelopen week krijg je het onbehaaglijke gevoel dat de geschiedenis er zo uit zou hebben gezien als Fukushima in Nederland had gelegen.

Natuurlijk is het begrijpelijk dat er vraagtekens bij het salaris van de nieuwe topman worden gesteld. Maar ook weer niet. Ten eerste omdat er vragen zijn die veel belangrijker zijn. Inderdaad, hoe dit heeft kunnen gebeuren, hoe we het kunnen voorkomen, of alle veiligheidsprocedures in orde waren en of die correct werden nageleefd. Ten tweede omdat het getuigt van heel slecht risicomanagement.

Pakken we er eens de achterkant van een sigarendoosje bij. Stel dat het kabinet gelijk heeft: met een salaris van 550.000 euro is het mogelijk een goede topman aan te stellen voor staatsbank SNS, met een salaris van 150.000 is dat niet mogelijk. Als de man voor vijf jaar wordt aangesteld zijn de additionele salariskosten dus twee miljoen. De afgelopen weken hebben we gezien wat voor de staatskas het verschil is tussen een goede en een slechte topman aan het roer bij SNS: een kleine 4 miljard euro. Als het kabinet gelijk heeft, dan betaalt dat hoge salaris zich dus 2000voudig terug.

Anders gesteld: als de kans dat het kabinet gelijk heeft, en je met Balkenendenorm geen fatsoenlijk bankier krijgt, slechts 0.1% bedraagt, dan nog is het dubbel en dwars de moeite waard om dat hoge salaris toch maar uit te betalen. Durft u het risico aan? Ik ook niet.

De economie van Poolexpedities

De beslissing om een risico te lopen hangt af van de de grootte van het risico en de verwachte opbrengst. Als één van tweeën verandert, verandert ook de afweging. Op deze site hebben we dat vaak geïllustreerd met het Peltzman-effect, waarbij automobilisten gevaarlijker rijden als de auto veiliger wordt; een andere toepassing is de bereidheid meer risico te lopen op investeringen als de opbrengst later gedeeld wordt. In alle gevallen leiden ingrepen die de wereld veiliger maken (autogordels of verzekeringen) ertoe dat mensen zich meer risicovol gaan gedragen.

Ik moest hier gisteren aan denken toen ik dit stuk van avonturier Ben Saunders las. Hij onderneemt expedities naar de Noord- en Zuidpool, maar dat is lang niet meer zo moeilijk als honderd jaar geleden. Verbeteringen in materiaal hebben de expedities veel veiliger gemaakt.

Dus wat gebeurt er: de avonturier neemt meer risico. Met z’n tweeën op eigen kracht naar de pool, bijvoorbeeld, zwemmend tussen de ijsbergen. Of, zoals Saunders van plan is, lopen naar de Zuidpool. De verwachte opbrengst hiervan is vast minder groot dan in 1910 (dat was de eerste keer), maar uit het feit dat Saunders het zichzelf veel moeilijker maakt kunnen we afleiden dat de risico’s nog sneller zijn afgenomen.