Mr. Tang goes to Den Haag

Bij de verkiezingen vorig jaar schreven we over economen die kandidaat waren voor de Tweede Kamer. Het werd geen groot succes: van de drie genoemde economen kwamen er twee niet in de kamer.

Ook de derde leek buiten de boot te vallen, maar na de kabinetsformatie mocht dr. Paul Tang toch het parlement in. Je hoopt dat daarmee het Nederlandse beleid wat meer uitgaat de economische denkwijze: marginale effecten, prikkels, etcetera. En kijk, deze econoom stelt vooralsnog niet teleur: zijn laatste plan is om het inkomen van de Schipholdirectie direct te koppelen aan de geluidsproductie van de luchthaven. Een negatief verband, nemen we aan. Daarmee wordt een externaliteit geïnternaliseerd bij degene die hem veroorzaakt. Dat moet wel goed gaan.

Vakantiegeld

Persbureau Novum komt met de volgende intrigerende samenvatting van een onderzoek van financieringsonderneming InterBank:

Meer dan de helft van de Nederlanders verwacht dat hun knip in de vakantie sneller leeg is dan voorzien.

Uhm. Het kan aan mij liggen, maar volgens mij staat hier toch echt dat de bewuste burgers verwachten dat ze meer gaan uitgeven dan ze verwachten te gaan uitgeven. In de behavioral economics is het niet ongebruikelijk om een huidige zelf te modelleren die beperkingen oplegt aan toekomstige zelven, maar iemand die al op dit moment iets anders denkt dan wat hij nu denkt, dat wordt wel een heel ingewikkeld verhaal. Misschien verschaft de rest van het artikel duidelijkheid:

De overschrijding van het vakantiebudget zou volgens de ondervraagden vooral komen doordat het eten en drinken op de vakantiebestemming duurder uitvalt. […] Het gemiddelde huishouden schat de vakantiekosten in op 1036 euro maar verwacht daar dus ook overheen te gaan.

Nee hoor, ik begrijp het nog steeds niet. Bovendien vraag je je af welke conclusie je hieruit zou moeten trekken. Zijn Nederlanders gewoon slechte financiële planners? Zijn vakanties duurder dan je zou verwachten, al is dat niet onverwacht? Is hier sprake van ontkenningsgedrag, dat overigens wel als zodanig erkend wordt? Van hoogst merkwaardig onderzoek? Of van een journalist die een en ander wat ongelukkig weergeeft? Je weet het niet. 

Meer softwareperikelen

Curieus artikel in Trouw vanochtend. De strekking:

Fouten in software kosten Europa en de Verenigde Staten inmiddels ruim 200 miljard euro per jaar, en nog erger, ook mensenlevens. Terwijl veevervoer aan strenge regels moet voldoen, mag iedereen zich programmeur noemen.

En uiteraard Moet De Overheid Ingrijpen. Waar de krant die 200 miljard euro vandaan haalt, dat blijft onduidelijk. Bovendien: veel software is innovatief en leidt tot veel welvaart. Om dan te gaan klagen over welvaartsverliezen in de gevallen dat er iets mis gaat, dat is op zijn zachtst gezegd nogal flauw. Verder blijkt dat waar vroeger nog sprake was van menselijke fouten, de krant nu alles wat maar mis gaat toeschrijft aan software, wat leidt tot een haast hilarische lijst van vermeende softwarefouten. Neem deze eens, eind 2005 op de beurs van Tokio:

Een handelaar wilde daar één aandeel verkopen voor 610.000 yen, maar vertikte zich en bood er 610.000 aan voor één yen. Hij zag zijn fout meteen, wilde die ook onmiddellijk herstellen, maar een computerstoring maakte dat onmogelijk. Tien minuten later had hij een schade van omgerekend 280 miljoen euro op zijn naam staan, met dank aan een fout in de software van de beurs.

Tja, zo lust ik er nog wel een paar.

Schade

Als het gaat om schade door ongeoorloofd kopiëren en de berichten verspreid worden door het slachtoffer, dan zijn de bedragen vrijwel altijd overdreven. Vaak maakt men een schatting van het aantal kopieën, vermenigvuldigt die met de winkelprijs en noemt dat omzetderving. Dat is zwaar overdreven, maar dat wist u al.

Nu is er weer nieuws in deze categorie: het omzetverlies door software-piraterij in Nederland bedroeg vorig jaar €310 mln. Zelfde soort schatting, maar nu met een verhaal (p.15 van dit rapport [pdf]):

While not every piece of pirated software would be purchased if piracy rates were to go down — some would be substituted, some not used [inderdaad!]— lower piracy rates yield more economic activity which stimulates more software production and purchases. IDC has confirmed this by analyzing the ratio of software spending to hardware spending for the countries in the study, and finds that, as expected, there is a high correlation between piracy rates and that ratio.

Kort gezegd, als het aandeel piraterij met 10 procent-punt daalt, neemt de waarde van de (legale) software op de gemiddelde computer toe, en wel met meer dan je zou verwachten als voorheen-piraten allemaal een nette versie aanschaffen. Details ontbreken maar het lijkt erop dat dit resultaat volgt uit het vergelijken van landen: in land X is 45% van de software illegaal, in land Y 35%, de software-industrie (ten opzichte van de hardware industrie) is in land Y groter dan in land X, en het verschil is meer dan 0,1 keer de softwareomzet in X.

Tja, daar sta je dan. Er zijn twee dingen die ik graag zou willen weten: (1) wat gebeurt er met de hardwareomzet? Een stijging van de ratio software/hardware hoeft niet te betekenen dat er meer software gekocht wordt, een streng anti-kopieerbeleid is een goede reden om minder computers te kopen. (2) Geldt dit ook voor landen over tijd? Het karakteriseren van landen met één getal (piraterij) veegt veel andere verschillen onder de tafel.

Effe buurten

Inbrekers opgelet, het CBS heeft opnieuw becijferd in welke buurt van Nederland de inkomens het hoogst zijn. Dat is nog niet zo makkelijk, want de omvang van een huishouden is niet in elke buurt gelijk. En wie met meer mensen samen leeft deelt de vaste kosten en heeft dus een hoger besteedbaar inkomen.

In de pers wordt dit soort gegevens altijd dankbaar gebruikt. Vrijwel altijd gaat het daarbij over de ligging van rijke en arme buurten. Maar dat is wat te snel door de bocht: de data gaan over het jaarinkomen van buurtbewoners in 2004. En hoewel het helpt, is een hoog inkomen in één jaar niet voldoende om rijk te zijn. Relevanter is het vermogen van buurtbewoners.

Vooral bij heel jonge en heel oude mensen kan het verschil groot zijn, in die zin dat het vermogen vaak veel groter is dan het huidige inkomen doet vermoeden. Het CBS telt ook nog eens de studenten en inwoners van tehuizen niet mee in het onderzoek. Daarmee wordt de rijkdom van wijken met veel bejaarden of veel studenten flink onderschat.

Zonnestroom

Lekker weer, niet? En wist u dat je uit die zonnestralen ook energie kunt opwekken? En dat bijna niemand dat doet?

De afzet van zonnepanelen houdt nog steeds niet over. Vorig jaar is voor 1,5 megawatt verkocht, vergelijkbaar met 2005.

Nou ja, zo gek is dat niet. Over de kosten en baten van de installatie is het volgende bekend:

  • Directe investering: €3000.
  • Energieopbrengst: 480 kWh.
  • Stroomprijs: €0,1023/kWh, plus belasting: €0,0852/kWh

Kort door de bocht scheelt de installatie van €3000 dus €90 per jaar. Als de panelen er in 2040 mee ophouden, een niet denkbeeldig gevaar, is het nominale rendement precies nul.

Maar dat is buiten de variabele energieprijzen gerekend. De stroomprijs kan in de toekomst fors stijgen waardoor de installatie meer rendement levert dan verwacht. Het rendement is (als ik de levensduur goed inschat) precies gelijk aan de jaarlijkse stijging van de stroomprijs, min de jaarlijkse onderhoudskosten als percentage van de investering. Mijn inschatting: dat is nog steeds niet best. In het beste geval doet de investering het, gecorrigeerd voor inflatie, net iets beter dan nul. Maar de liquiditeit is weer beperkt.

Veronderstel 3% jaarlijkse stijging in stroomprijzen en 7% nominaal rendement op een alternatieve investering. Wie €3000 investeert in een set zonnepanelen lijdt dan onmiddellijk een verlies van €1370. De maker van deze site over zonnepanelen weet dat en houdt daarom dit amusante, maar onzinnige betoog om tóch panelen aan te schaffen. Dat is natuurlijk niet efficiënt: beter is het om €1370 te spenderen aan het planten van bomen en verder gewoon grijze stroom af te nemen.

De lucht in

Morgen vlieg ik naar de VS. Voordat wij opstijgen, zal de stewardess vragen om de mobiele telefoons uit te schakelen, dit in verband met mogelijke interferentie op de elektronica van het vliegtuig.

Grote onzin, beweert Computerworld. De echte reden is dat maatschappijen bang zijn dat de pleuris uitbreekt als iedereen mobiel gaat zitten bellen in een overvol vliegtuig. En de mobiele aanbieders zijn er niet dol op, omdat de kans groot is dat een gesprek uitvalt. Verder hebben de autoriteiten eigenlijk nooit de moeite genomen om nu echt te testen hoe groot het gevaar is, want dat kost allemaal maar geld. Ook niet onbelangrijk: als iedereen in de cabine gaat zitten bellen, dan kunnen de luchtvaartmaatschappijen niets meer verdienen aan andere mogelijkheden tot communicatie die in de toekomst wellicht uitgerold gaan worden. Piloten schijnen zelf wel gewoon hun mobieltje te gebruiken. [via]

Plaspauze

Werknemers die ‘s nachts vaak moeten opstaan om te plassen, kosten hun werkgever gemiddeld 3700 euro per jaar. Door de verstoring van de nachtrust ligt de productiviteit van zulke werknemers vaak lager dan normaal.

Mijn hemel. Zelfs het gemiddelde niveau van onzin-berichten in acht genomen is dit onderzoek om te huilen. Laten we aannemen dat het eerst aangehaalde, medische, onderzoek klopt en nachturineurs inderdaad 9% minder productief zijn dan zij die kunnen wachten tot de ochtend. Beschouw twee werknemers, een van elk type.

Foute aanname nummer 1: Beide doen hetzelfde werk voor hetzelfde loon, alleen de nachturineur levert minder productie en de werkgever draagt de kosten. Minstens zo waarschijnlijk: de productieve doorslaper maakt sneller promotie en heeft een beter betaalde baan. Het financiële nadeel wordt gedragen door de minder productieve werknemer, die ongeveer verdient wat hij/zij waard is.

Foute aanname nummer 2: Opstaan om naar de wc te gaan is de enige oorzaak van het productiviteitsverschil; door een goede nachtrust te bevorderen worden alle problemen opgelost. Minstens zo waarschijnlijk: ‘s nachts opstaan is een symptoom van een dieper liggend probleem dat de werkelijke oorzaak van de lagere productiviteit is. Symptoombestrijding lost de problemen niet op.

Maar wat kan het schelen: de krant is weer gehaald en de Dag van de Slaap krijgt zijn publiciteit. Benieuwd welk revolutionair onderzoek we volgend jaar te zien krijgen.

Gladstrijken

Stel u wint de loterij. Wat te doen met al dat geld?

Hier is alvast een tip: voor iedere periode geldt dat meer dingen kopen leuk is, maar dat het leuke effect van nóg meer dingen kopen steeds minder wordt. U heeft last van afnemend marginaal nut. Daaruit volgt onmiddelijk dat een optimale besteding van uw prijs bestaat uit het netjes uitsmeren van de consumptie over de rest van uw leven. Niet meteen een dure auto kopen maar gewoon het geld op de bank zetten en dan elk jaar een beetje opmaken.

Een rekenvoorbeeld. Als u op uw 34e ineens 85 miljoen wint, heeft u naar verwachting nog 38 jaar te leven. Met een rendement van 4% en een tijdsvoorkeurvoet van 2% geeft u 3,1 miljoen per jaar uit en geniet u maximaal van het geld.

Economen: altijd prima advies, nooit iemand die ernaar luistert. De verhalen van de meeste loterijwinnaars eindigen met scheiding, armoe en verdriet. Hoe geweldig is het daarom om het verhaal van deze man te lezen, die het advies daadwerkelijk lijkt op te volgen.