Pakkans

De politie gaat binnenkort op de Nederlandse snelwegen de nummerplaat van elke passerende auto scannen, om bestuurders met uitstaande boetes of veroordelingen meteen van de weg te halen. In reactie op een vergelijkbaar programma in de VS schreef beveiligingsdeskundige Bruce Schneier al eens een aardig artikel, en hij was het ook die het volgende aan de kaak stelde:

Het afschrikkend effect van een boete bestaat eigenlijk uit twee delen: de hoogte van het boetebedrag en de pakkans. Vermenigvuldig die twee en u heeft de verwachte boete. Als een potentiële crimineel zich nu opstelt als een kleine ondernemer (Gary Becker is beroemd geworden met deze hypothese) dan zal hij die verwachte boete vergelijken met de verwachte opbrengst van de misdaad. Het is dus zaak de verwachte boete goed vast te stellen: niet te laag, om misdaad te voorkomen en niet te hoog, om proportioneel te zijn met de ernst van het feit.

Maar met het nieuwe surveillancesysteem gaat een van de twee elementen in de verwachte boete, de pakkans, flink omhoog. Daarmee stijgt ook de verwachte boete voor een feit. Ervan uitgaande dat die juist optimaal was vastgesteld, dan kan de wetgever maar één ding doen: met de introductie van de automatische scanner kunnen de boetebedragen omlaag.

Verstoor maar raak

Oh hemel, nu dit weer. De PvdA, nog maar net bekomen van de verkiezingswinst, laat de proefballonnen links en rechts (nou ja, links) opstijgen. Daar is er weer één: Sharon Dijksma vindt dat vrouwen die gestudeerd hebben en niet werken een boete moeten betalen.

Waar te beginnen? Het onderwijs in Nederland wordt gesubsidieerd: een studente betaalt veel minder voor haar opleiding dan de kosten ervan, en het verschil wordt gedekt door Den Haag. Waarom eigenlijk? Omdat de opbrengsten van een opleiding deels extern zijn voor de student: opgeleide mensen verhogen de productiviteit van anderen, zorgen voor een geïnformeerd electoraat, doen aan innovatie, etcetera. Fijn voor de staat, minder belangrijk voor de studente, en dus is er een subsidie.

Nu zijn er mensen die de subsidie krijgen, maar hun studie niet echt gebruiken. Dat was natuurlijk niet de bedoeling, en dus moet er een instantie komen die bekijkt of afgestudeerden wel aan het werk zijn, onder dwang van een boete. Met inspecteurs natuurlijk, een mogelijkheid van beroep, de gebruikelijke ambtelijke organisatie.

Maar beste Sharon. Is het niet zo dat wie niet werkt, elke twaalf maanden een boete ter hoogte van een jaarsalaris betaalt? Hoeveel meer zou je ze willen aanslaan? En zou dat uitmaken? En is het niet een beetje raar om de opleidingsbeslissing én de arbeidsaanbodsbeslissing zo te gaan verstoren, terwijl je hetzelfde effect bereikt door de studiebeurs om te zetten in een lening? Zonder ambtelijke handhaving?

Een Amerikaan in Parijs

U heeft de beelden gezien, Franse studenten zijn druk bezig een miljoen demonstranten te werven om te protesteren tegen CPE, het plan om ontslag van jonge werknemers te vergemakkelijken. Doel van de wet is het scheppen van banen, met het idee dat je makkelijker iemand aanneemt als je er niet meteen voor altijd aan vast zit.

Toevallig ter plekke is de Amerikaanse econoom Alex Tabarrok, die twee theorieën heeft over de studenten: óf ze zien niet in dat CPE zorgt voor een lagere werkloosheid, en kunnen dus beter terug naar de collegebanken. Of ze hebben door dat werkloosheid, veroorzaakt door een starre arbeidsmarkt, vooral degenen met de laagste kwalificaties treft. In dat geval zijn de protesten een opportunistische bescherming van de eigen positie.

Schaal

Grafieken in het NRC: tussen de 5.6 en 14.3%

Snel, welke van deze vier beurzen is de afgelopen maanden het meest in beweging geweest? Vooral de de linker, de Dow Jones, lijkt heen en weer te stuiteren. De derde, die van Londen, klimt met een rustig tempo omhoog.

Niet dus. Om onverklaarbare reden kiest de NRC (en De Volkskrant, zie onder) ervoor om de verticale schaal van dit soort grafieken aan te passen aan de variantie van de reeks. Gebeurt er niet veel, dan is geeft de schaal een klein stukje weer. Zit er veel beweging in de beurs, dan wordt het gebied dat de schaal beschrijft groter.

De grafiek van de Dow beslaat een maximale stijging van 5.7%, terwijl die van Londen een stijging van 11.1%, bijna het dubbele, beslaat. De beurs die het meest in beweging was is overigens die van Frankfurt, de rechter. Daar beslaat de schaal een maximale stijging van 14.3%. Waarom? Geen flauw idee. Het zou veel informatiever zijn als alle grafieken een vergelijkbare schaal hadden waarbij de maximale waarde een vast percentage van de minimale waarde was. Dan kun je meteen zien waar, relatief, het meest gebeurt.

De Volkskrant: tussen de 11.9 en de 27.3%

Topinkomen

Tja, het inkomen van meneer Boersma. De CEO van Essent verdient over 2005 een dikke acht ton, en dat is een hoop geld. De premier is teleurgesteld, Brinkhorst spreekt op zijn geheel eigen manier van een recidive.

Wat is een rechtvaardig inkomen voor meneer Boersma? De werknemer, zegt de econoom, verdient een inkomen gelijk aan zijn marginale productiviteit. De euro’s die meneer Boersma door zijn inspanningen aan de inkomsten van Essent heeft toegevoegd geven de waarde van zijn bijdrage. Het is niet onwaarschijnlijk dat meneer Boersma, die de strategische beslissingen van Essent neemt, vorig jaar voor ettelijke miljoenen aan de inkomsten heeft bijgedragen. Zo gaat dat met strategische beslissingen: doe het goed, en het geld stroomt binnen.

Maar daar zit ‘m ook de kneep: doe het fout, en Essent loopt miljoenen mis. En het is onwaarschijnlijk dat meneer Boersma in dat geval zijn portemonnee trekt om zijn negatieve productiviteit te compenseren. Voor die verzekering tegen slechte uitkomsten die zijn werkgever hem biedt, moet in goede tijden premie betaald worden.

Maar wat is dan een rechtvaardige beloning? Daar is nog wel iets over te zeggen: werknemers krijgen alleen hun marginale productiviteit als de arbeidsmarkt competitief is, dat wil zeggen, als zowel werkgevers als werknemers vrij mogen toetreden. Voor iedere baan wordt dan de goedkoopste werknemer aangenomen en iedere werkzoekende accepteert het beste bod dat hij/zij kan vinden. Voor dit soort posities is dat meestal niet het geval, vaak wordt er slechts geselecteerd uit een klein groepje bekenden. Dat kan beter: Essent kan flink besparen door op zoek te gaan naar iemand die hetzelfde werk voor minder wil doen. Is de premier ook weer blij.

Aanbodschok

Dit is een geweldig verhaal over het economisch potentieel van ruimtevaart. Geld verdienen met raketten kan tegenwoordig door het lanceren van satellieten of het vervoeren van miljonairs, maar het echte geld zit ‘m in 3554 Amun.

Pardon? 3554 Amun. Een komeet die in 2020 langs de aarde zal vliegen en volgens wetenschappers grotendeels bestaat uit metaal. Om precies te zijn 20 biljoen dollar aan metaal, tegen de huidige marktprijzen. Dat is net zoveel als we in heel Nederland in 34 jaar bij elkaar produceren.

Het voorbehoud doet het ‘m natuurlijk. Wat zou de marktprijs van zeg, nikkel, doen als er een bal van 2 kilometer doorsnee mee op aarde landt? Ach ja, zoals altijd met dit soort dingen staat het allemaal al in Jules Verne:

“A comet of gold!” ejaculated the captain.

“Yes; a realization of what the illustrious Maupertuis has already deemed probable,” replied the astronomer.

“If Gallia, then, should ever become attached to the earth, might it not bring about an important revolution in all monetary affairs?” inquired the count.

“No doubt about it!” said Rosette, with manifest satisfaction. “It would supply the world with about 246,000 trillions of francs.”

“It would make gold about as cheap as dirt, I suppose,” said Servadac.

Schoenen

Het is er bijna door: de EU gaat belasting heffen op schoenen uit China. Het resultaat: u betaalt straks 20% extra voor een paar stappers uit Shanghai.

Als de overheid zich op deze manier in de economie mengt, zijn er twee partijen de dupe: de koper (u en ik) en de verkoper. Wij hadden wel willen handelen, maar het mag niet. Waarom eigenlijk niet? Volgens de EU bieden de Chinezen de schoenen te goedkoop aan: de schoenfabrieken worden gesteund door de staat, en dat is niet eerlijk.

Niet eerlijk voor wie? Dat de Chineze regering de Nederlandse schoenendrager subsidieert, dat is toch alleen maar toe te juichen? Wat blijkt: het is niet eerlijk voor de Europese schoenmakers, die op deze manier niet bij hun leest kunnen blijven.

De vraag dringt zich op: is het goed beleid om de hele Europese bevolking 20% meer voor hun schoenen te laten betalen, om een aantal Europese schoenenmakers in business te houden? Tja, onder sommige omstandigheden wel. Als de Chinezen hun schoenensurplus achteloos dumpen op de Europese markt, om volgend jaar de prijzen weer te verhogen, dan is het jammer om de hele schoenensector op de fles te laten gaan. Als echter de Chinezen domweg efficienter en goedkoper zijn, dan rest ons de Europese schoenmakers te bedanken voor bewezen diensten en ons in de handen te wrijven bij zoveel geluk. Want overheidssteun voor een wankelende sector, dat hebben we in Europa al genoeg.

Ons eigen kleine kikkerlandje

Bij Nederlanders heerst veelal het beeld dat we een kleine speler zijn op het grote wereldtoneel (nou ja, uitzonderingen daargelaten). We stellen ons bescheiden op naast de grote landen en accepteren ons lot. Toen ik een blik op de olympische medaillespiegel wierp (we doen het best goed) vroeg ik me af in hoeverre dat beeld nog klopt. De verzameling landen verandert regelmatig, en gemiddeld verdwijnen de groten om als groep kleintjes weer terug te komen. Wat blijkt: tegenwoordig heeft meer dan de helft van alle landen minder dan 6 miljoen inwoners. We horen dus gewoon bij de groten!

Waarom er zoveel kleine landen bijkomen? Omdat, volgens dit artikel, de nadelen van klein zijn steeds minder worden. Door globalisering kun je alles dat het eigen land niet heeft, makkelijk importeren. Klein zijn heeft daarentegen allerlei voordelen: doordat er weinig regionale verschillen bestaan sluit één beleid beter aan bij de wensen van alle bewoners. Dat is een steun in de rug voor het plan van wijlen Freddy Heineken, die Europa wilde opdelen in 75 mini-landjes.

Overigens mogen we best een beetje blij zijn met de grote landen. Stel je de olympische openingsceremonie of het songfestival voor met 75 Europese afvaardigingen.

Polen

Nu verschillende Oost-Europese landen bij de EU horen zouden hun onderdanen in principe de Nederlandse arbeidsmarkt mogen betreden. Er is op dit moment een speciale wet die dat verbiedt, uit vrees dat grote aantallen Polen en Tsjechen zullen zorgen voor werkloosheid onder Nederlanders. De vraag is of die wet moet worden ingetrokken. Sommige politici zijn voor, anderen laten hun oordeel afhangen van een te verschijnen rapport over de gevolgen. Dat rapport is nu uitgelekt, en er staat in dat het aantal immigranten op kan lopen tot 72.000 per jaar.

Geen onderwerp zo hachelijk als economische immigratie, zie bijvoorbeeld het reactiepanel bij de Telegraaf. De oneigenlijke argumenten vliegen je om de oren, van hilarisch tot weerzinwekkend. Belangrijk om bij het lezen van dit commentaar in het achterhoofd te houden is dit: er is geen vast aantal banen. Wie denkt dat elke Pool een baan afpakt van een Nederlander begaat zich aan de Lump of Labor fallacy, een bekende denkfout. Immers, als het aantal inwoners van een land toeneemt, neemt de arbeidsvraag toe. Hoe zouden we anders tot 16 miljoen zijn gegroeid zonder massale werkloosheid?

Voor een kloppende analyse leggen we ons oor beter te luisteren bij de expert uit het land de meeste immigranten per jaar, de econoom Borjas uit de VS. Hij zegt dat er twee belangrijke effecten van immigratie zijn: ten eerste gaat het gemiddelde inkomen er een klein beetje op vooruit door het toegenomen arbeidsaanbod. Dat is positief voor iedereen. Ten tweede is er een herverdeling van mensen zonder opleiding naar goed opgeleide werknemers en kapitaalbezitters. Dat is slecht voor die eerste groep.

En daar zit ‘m de kneep: het is mogelijk om de slecht-opgeleide Nederlander te compenseren door een extra progressieve belasting, maar de vraag is of dat gebeurt. Bovendien legt het Amerikaanse onderzoek de nadruk op veranderingen in de loonvoet, terwijl we in Nederland eerder effecten op de werkloosheid zullen zien. Het wachten is op het verschijnen van het daadwerkelijke rapport om eens te kijken hoe de onderzoekers dat oplossen.