Benzineprijzen

Om nogal onduidelijke redenen maken volksvertegenwoordigers zich regelmatig druk over benzineprijzen. Benzine is namelijk best wel duur, en dat schijnt te komen door een gebrek aan marktwerking. Gisteren is er een motie aangenomen van PVV en PvdA die pleit voor een  onafhankelijk onderzoek naar de benzineprijzen. Het is immers “onbegrijpelijk dat de olieprijzen zijn gedaald maar de brandstof voor de consument duurder is geworden”.

Moment. Die olieprijs was toch juist flink aan het stijgen!? Kijk bijvoorbeeld eens naar deze plaatjes. Toch eens kijken naar wat er precies in de motie staat:

[?¦] constaterende dat de brandstofprijs vanaf 2008 met bijna 60% is gestegen bij een gelijkblijvende dollarkoers en een 33% gedaalde olieprijs’ [?¦]

Dat klinkt inderdaad schokkend. Als het waar zou zijn.

Eerst maar eens die olieprijs. Laten we voor het gemak eens uitgaan van de absolute piek in 2008. Op 11 juli van dat jaar kostte een vat olie 143.68 dollar, tegen een eurokoers van 0.632 komt dat neer op 90.81 euro. Afgelopen dinsdag kwam een vat uit op 75.91 euro (USD 102.48 maal 0.741 EUR/USD). Dat is een daling van 16%, niet van 30%. Zelfs als we uitgaan van de hoogst waargenomen prijs in 2008. De daling van 30% in de dollarprijs klopt dan namelijk wel, maar de gelijkblijvende dollarkoers zeker niet.

Dan de benzineprijs. Kijken we hier ook naar de piek van 2008 en gaan we uit van de gemiddelde landelijke adviesprijs, dan komen we op een prijs [klik op “GLA historie grafiek”] van 1.692 voor Euro 95. Op dit moment is die prijs 1.653. Dat is een daling van 2%, geen stijging van 60%.

Goed, als je het op een andere manier uitrekent (jaargemiddelden of iets dergelijks) zullen de precieze cijfers ook veranderen, maar een stijging van de brandstofprijs met 60% bij een 33% gedaalde olieprijs is sowieso volstrekte kolder.

Waarschijnlijk is een onafhankelijk onderzoek naar het economisch benul van kamerleden op dit moment dan ook meer op zijn plaats.

1000!

De vlag kan uit. Vandaag bereiken we een mijlpaal. Het bericht dat u nu leest is het duizendste in de geschiedenis van deze weblog. Ja heus. U kunt het haast niet geloven? Ik eigenlijk ook niet. Maar kijk eens in de rechter kolom en onder Distributie ziet u op het moment van publiceren Marco (514) en Thijs (486). En dat is samen precies 1000.

Wij bereikten deze mijlpaal na 5 jaar en 8 maanden bloggen. Het tempo is dus iets afgenomen ten opzichte van bericht 500, toen de prognose nog was dat dit moment al in oktober 2010 bereikt zou worden. Maar goed, uw trouwe bloggers hebben ook nog een Echte Baan, die blijkbaar drukker is dan een paar jaar geleden.

Wij danken u, beste lezers, voor de almaar stijgende aandacht voor en feedback op onze berichten. Neust u eens rustig rond in onze archieven: er is genoeg te vinden. Wij bloggen rustig verder. Op naar bericht 2000. Ergens in 2017.

Het Beste

De American Economic Review, waarschijnlijk het belangrijkste economentijdschrift,  is zojuist begonnen aan zijn 101e jaargang en dus heeft een commissie van Wijze Mannen besloten wat de beste 20 artikelen zijn uit de eerste 100 jaar.  Altijd leuk, zulke lijstjes. Voor de liefhebbers het volledige lijstje na de klik.

Opvallend: het meest recente artikel is al 30 jaar oud, de helft is van tussen 1970 en 1981. Vooral 1980 is goed vertegenwoordigd met 3 artikelen. Verder zijn Diamond en Stiglitz de enigen die twee klassiekers op hun naam hebben staan (Diamond misschien zelfs drie, afhankelijk van hoe je telt). [via]

Lees verder “Het Beste”

Nacht op de Kale Berg

Op de achterkant van elke editie van het Journal of Political Economy staat een citaat uit de wereldliteratuur dat gerelateerd is aan een bepaald economisch begrip. Het is jammer dat dat alleen Engelstalige citaten mogen zijn, want onze vaste lezer Pim kwam op de proppen met de volgende passage uit Nacht op de Kale Berg van Karel van het Reve uit 1961, waarin het gebruik van gemengde strategieën wordt uitgelegd  (Salamander, 4e druk, 1990, pg. 157):

Nee, zei Joop. Ik heb niet gekozen. Kijk eens, eventuele achtervolgers begrijpen, als ze verstandig zijn, dat we deze keuze hadden. Ze zullen zich dus afvragen welke weg wij kiezen. Ze kennen misschien onze omstandigheden, onze overwegingen. Ze kunnen proberen onze keuze te voorspellen.
– Maar wij kunnen weer proberen om het resultaat van die pogingen te voorspellen.
– Zeker, en daar kunnen zij weer achter proberen te komen. Zo blijf je achter elkaar aanhollen en blijft de kans bestaan dat ze door nadenken onze route te weten komen.
– Maar daar lijkt me toch weinig aan te doen.
– Toch wel: ik heb een aselecte keuze gedaan uit die twee mogelijkheden. Een onvoorspelbare keuze. Ik heb een cent opgegooid.
– Maar ook daar kunnen zij achterkomen.
– Zeker, maar hoe die keuze uitgevallen is kunnen ze nooit weten.

N-gram

Google heeft weer een nieuw speeltje: de N-gram viewer. Van elk woord of combinatie van woorden is na te zoeken hoe vaak die in de loop van de tijd voorkwam in alle boeken die Google heeft ingescand. En dat is erg geinig. Zo blijkt dat, ik noem maar iets, men tot halverwege de jaren ’50 zich vooral zorgen maakte over de conjunctuur, maar dat vanaf dat moment economische groei een populairder onderwerp werd (klik voor vergroting):

image

De populariteit (in Engelse boeken althans) van speltheorie kende de vorige eeuw een curieus verloop:

image

Nederlandse boeken zitten er helaas nog niet in, Duits, Frans en Spaans doen al wel mee.

Hier staan nog een paar economie-voorbeelden.

Vriendenveiling

Nog meer loterijperikelen. De Sponsor Bingo Loterij heet vanaf nu de Vriendenloterij, zo jubelt een reclamefolder mij zojuist toe.  Hoe dat werkt?

Wint u een prijs, dan winnen 5 van uw vrienden ook. En u mag zelf bepalen wie, zolang uw gekozen vrienden ook deelnemer van de VriendenLoterij waren ten tijde van de trekking. Wint u bijvoorbeeld een auto dan wint u het recht om vijf auto’s weg te geven aan vrienden, familieleden, clubgenoten of bekenden die ook meespelen met de VriendenLoterij. Wint u bijvoorbeeld € 100.000,- dan mag u vijf vrienden ieder € 20.000,- geven.

En inderdaad, die vrienden hoef je pas aan te wijzen nadat je de prijs hebt gewonnen.

Het gevolg laat zich raden: wie € 100.000,- wint zal nog eens een kleine  € 100.000,- extra gaan verdienen door zijn ‘vriendschap’ op Markplaats bij opbod te verkopen.

Of zou ik nu te cynisch zijn?

Het laatste woord over de assen

In de commentaarbijlage van Thijs’ vorige bericht woedt al enige tijd een discussie over waarom Marshall nu echt de assen verkeerd om tekende, en alle andere economen met hem. Commentator Matthijs (let op de dubbel t) geeft definitief uitsluitsel en dat is voorwaar een apart bericht waard.

Het antwoord staat in een artikel van Scott Gordon in de Eastern Economic Journal 1982, dat hier [grote pdf!] online staat. Het artikel lijdt aan de gebruikelijke breedsprakigheid van historici, maar het komt er op neer dat Marshall het op deze manier handiger vond, omdat hij dan langs de verticale as het surplus van producenten en consumenten kon aflezen. Kort samengevat: Thijs had gelijk.