Nog niet helemaal wakker

Werd u vanochtend ook wakker met op uw wekkerradio het verontrustende nieuwsbericht dat u torenhoge kosten zou betalen voor “het simpelweg afbreken en beëindigen van een telefoongesprek”? Dan kan ik u gerust stellen. Er is hier slechts sprake van een Telegraaf-journalist die geen flauw benul heeft van waar hij het over heeft.

Wat is er wel aan de hand? Als ik met mijn KPN-mobieltje bel naar iemand met een Telfort-mobieltje dan maakt Telfort kosten, terwijl KPN mijn gesprekstarief opstrijkt. Dat is niet eerlijk. Daarom brengt Telfort aan KPN een ’termination tariff’ in rekening, een bedrag om het gesprek af te handelen. Iemand zonder enige kennis van zaken zou inderdaad geneigd kunnen zijn dat te vertalen als een ’tarief om het gesprek te beëindigen’.

Telecombedrijven zullen gesprekstarieven baseren op hun kosten. Ze kunnen die gesprekstarieven dus kunstmatig hoog houden door onderling hoge afhandeltarieven af te spreken, en dat is wat hier aan de orde is. U kunt dus met een gerust hart weer ophangen. Dat kost helemaal niets.

Going Dutch

In de New York Times staat vandaag een lang, overwegend lyrisch en zeer lezenswaardig artikel over het Nederlandse Model gezien door de ogen van een Amerikaan. Mooie quote:

American politics became entrenched in two positions […]: the old left-wing idea of vast and direct government control of social welfare, and the right-wing determination to […] privatize the system and leave people to their own devices. In Europe, meanwhile, the postwar cradle-to-grave idea of a welfare state gave way in the past few decades to some quite sophisticated mixing of public and private. And whether in health care, housing or the pension system […], the Dutch have proved to be particularly skilled at finding mixes that work.

Het belangrijkste nadeel? De winkelsluitingswet:

Indeed, most shops close by 6 p.m. ?” precisely when people leaving work might actually want to patronize them.

[via]

Gratis producten

Er zijn mensen die met weemoed terugdenken aan de tijd dat alles nog duurder was. Echt waar: lees  dit warrige verhaal in Trouw over gratis producten. De auteur voegt voor het gemak illegale downloads bij deze categorie, maar eigenlijk gaat het over bona fide diensten als gratis kranten, Skype en de inhoud van het internet. De teneur is negatief: het lijkt wel gratis, maar dat is het niet. Voor deze stelling is maar liefst één stuk bewijs gevonden: bij sommige diensten worden de adresgegevens van de klant verkocht, waardoor die wordt blootgesteld aan reclame en verleid tot extra aankopen.

Meer algemeen verwordt de consument van gratis diensten tot een vervelende hork. Hij vraagt zich plotseling af waarom nog betaald moet worden voor lidmaatschappen, omroepen, en de consumentenbond. “Het idee dat je premie betaalt zodat anderen daarmee geholpen kunnen worden, is achterhaald.” En dat is jammer.

Wat een lariekoek. Mensen die zich afvragen of ze niet teveel betalen zijn de ruggengraat van de Nederlandse maatschappij, en mensen die een gratis dienst afnemen houden meer geld over om goede dingen mee te doen. Ik denk niet dat het publiek wél zou willen betalen om lid te worden van een politieke partij als er maar geen gratis kranten zouden zijn.

Een economische redenering: de marginale kopers van een dienst subsidiëren de infra-marginale kopers. Als er geen gratis kranten zijn heeft de betaalde krant meer abonnees, en dat is mooi voor diegenen die zelfs een betaalde krant willen als er ook gratis alternatieven zijn. Verschijnt de gratis krant, dan heeft de betaalde krant het moeilijker; mensen met een voorkeur voor de betaalde krant worden minder gesubsidieerd. Idem voor maatschappelijke organisaties en omroepen, waarvoor tegenwoordig superieure en individuele alternatieven bestaan. De schrijfster treurt vanwege het opdrogen van de subsidie.

Gelukkig is het artikel gratis. (A propos, de kranten: dit is een aardig stuk over de toekomst daarvan.)

Ervan langs

De nieuwe economisch columnist van de Groene Amsterdammer, Ewald Engelen, neemt geen blad voor de mond:

Als wetenschap is economie bankroet — de precisie is schijnprecisie, het model ondeugdelijk, de rationaliteit een fictie, de transparantie een illusie, het getal manipuleerbaar en de voorspelbaarheid een leugen

und so weiter. Zijn stelling:

Ik wil een lans breken voor meer sociologen, antropologen, politieke economen, historici en geografen in de economiepanels van morgen.

Op een bepaalde manier lost dat inderdaad het probleem op: zet bijvoorbeeld een econoom naast de historicus die vorige week in NOVA vrolijk de Kondratieff-golf doortrok en de hij steekt er een stuk intelligenter bij af. Maar misschien was dat niet de bedoeling.

Meer in het algemeen is het natuurlijk nuttig om meerdere perspectieven te horen dan alleen die van de econoom. Maar het is de economische wetenschap (met al haar imperfecties) die aangeeft wat de mogelijkheden zijn en waar de grenzen liggen. Het in kaart brengen van de gevolgen van schuld, inflatie, herkapitalisering en wat dies meer zij is reken- en modellenwerk. Het is niet gek dat de media voor informatie over die zaken naar iemand gaan die er verstand van heeft.

Verkwisten

Vandaag in de krant:

Een Nederlands huishouden verkwist jaarlijks gemiddeld ongeveer 57.000 liter schoon drinkwater. Dat stellen de schrijvers van het boek ‘Every drop counts’, dat woensdag verschijnt. Volgens de samenstellers kan het drinkwaterverbruik in Nederland zonder ongemakken ongeveer worden gehalveerd.

Economisch gezien is dat natuurlijk een vrij onzinnig concept, verkwisten. Mensen gebruiken een bepaalde hoeveelheid drinkwater. Die hoeveelheid wordt bepaald door de prijs van water. Als water duurder wordt, gebruiken ze minder, als het goedkoper wordt, gebruiken ze meer. Maar hoe bepaal je dan de hoeveelheid water die een mens redelijkerwijs mag verbruiken? En dus hoeveel er verkwist wordt? Dat lijkt me een vrij willekeurige keuze. Hoe minder water je verbruikt, hoe oncomfortabeler het wordt. De hoeveelheid die hier als ‘redelijk’ wordt bepaald, is geenszins een ondergrens. Minder kan ook, maar dan wordt het nog oncomfortabeler. Dat er een scherpe grens zou zijn waaronder het plotseling ‘ongemakkelijk’ wordt, is natuurlijk fictie.

Wie een bepaalde hoeveelheid water verbruikt, kiest daar zelf voor, door kosten en baten tegen elkaar af te wegen. Goedbeschouwd kan van verkwisting dan geen sprake zijn.

Zie ook dit gerelateerde bericht.

Depressie

Sommige media lijken er genoegen in te scheppen om de economie de put in te praten, of op z’n minst te suggereren dat het Allemaal Heel Erg Is.

Neem nu de Volkskrant. Anders dan je zou verwachten is in Nederland de werkloosheid nog niet eens gestegen, in tegenstelling tot bijvoorbeeld in de VS. De Volkskrant weet aan de laatste cijfers toch nog een negatief-klinkende draai aan te geven: “Daling werkloosheid ten einde“.

Dan bedrijfsfaillissementen. Die blijken inderdaad te zijn gestegen. De stijging van 34% is zelfs de hoogste van Europa. “Nederland Europees koploper faillissementen” juicht de krant. Natuurlijk is dat niet waar. Als het aantal faillissementen in Nederland vorig jaar erg laag is geweest, dan zegt het niet zo heel veel dat dit jaar de relatieve toename in Nederland het sterkst is.

De huizenprijzen dan. Ook daar is er weinig aan de hand. Een daling is niet of nauwelijks waarneembaar, en prijzen zouden volgend jaar zelfs nog met 1% stijgen. Maar gelukkig heeft de Volkskrant een makelaar gevonden die er heel anders over denkt en gaarne bereid is paniek te zaaien: “Huizenprijs is al met een kwart omlaag“.

Je zou er spontaan een depressie van krijgen.

Koudste jaar van de eeuw

Door slim om te gaan met cijfers kun je alles aannemelijk maken. Onze vaste lezers weten dat inmiddels. Neem nu klimaatverandering. Het probleem wordt ook elk jaar weer erger. Tenminste, dat zou je wel denken als je vanochtend de krant openslaat

Wereldtemperatuur ook dit jaar weer hoger

kopt de Telegraaf bijvoorbeeld. Hoezo?

De wereldtemperatuur is ook dit jaar weer gestegen. Met een afwijking van 0,31 graden boven het langjarig gemiddelde staat 2008 op de tiende plaats op de lijst van warmste jaren in de afgelopen anderhalve eeuw. Dat heeft het KNMI dinsdag bekendgemaakt.

Wie echter naar het grafiekje bij het KNMI-bericht kijkt, ziet toch een ander beeld. Natuurlijk, 2008 was warmer dan gemiddeld. Maar 2008 was kouder dan 2007. En 2007 was kouder dan 2006. En 2006 kouder dan 2005. Dat de temperatuur in 2008 “ook weer hoger” is, is dus op z’n zachtst gezegd nogal misleidend. Sterker nog, 2008 was het koudste jaar sinds 2000.

Maar ja, “2008 koudste jaar van deze eeuw” is blijkbaar niet het beeld dat het KNMI en de media graag willen overbrengen.

Klimaatverandering is een groot probleem, dat weet ik ook wel. Maar dat is nog geen reden voor suggestieve berichtgeving.

Update: De BBC brengt het nieuws wel op onze manier.

Met Sony geen stress

Het nadeel van al dat gedragseconomisch onderzoek is dat bedrijven er weer dankbaar misbruik van gaan maken. Neem nu Sony. Die doet sinds kort in de VS aan verticale prijsbinding, en verbiedt detailhandelaren om korting te geven op bepaalde Sony producten.

Slecht nieuws voor consumenten natuurlijk. Maar niet volgens Sony. Iedereen kan nu met een gerust hart zijn Sony gadgets kopen, meldt de multinational enthousiast, zonder de stress dat het ergens anders misschien goedkoper zou kunnen zijn! [via]

Gepromoveerden

Gepromoveerde academici succesvol op arbeidsmarkt

zo kopt de Volkskrant, op gezag van het CBS. Waaruit blijkt dat succes?

Ruim driekwart heeft een betaalde baan.

Mijn hemel. Volgens mij betekent dat dat bijna 25% van de gepromoveerden geen betaalde baan heeft. Daarmee doen ze het aanzienlijk slechter dan die andere probleemgroep op de arbeidsmarkt, de jonge allochtone schoolverlaters, waarvan momenteel slechts 15% werkloos is. Hoezo succesvol!?

Inderdaad, die ‘ruim driekwart’ is onmogelijk te plaatsen zonder referentiekader. Dat is dus blijkbaar best wel veel, driekwart? Hoe ligt dat dan bij andere bevolkingsgroepen? En waarom wordt een kwart van gepromoveerden dat niet werkt, niet absurd hoog gevonden? Of mis ik misschien iets?

Het is om moedeloos van te worden.