Peltzman effect

Nog maar eens: automobilisten die zich veiliger voelen, rijden roekelozer:

Eigenaars van terreinwagens rijden minder veilig dan gemiddeld. Dit blijkt uit een studie die het Britse weekblad New Scientist zaterdag publiceert […] Een verklaring voor het rijgedrag moet volgens een van de onderzoekers worden gezocht bij het veilige gevoel dat de gemiddelde bestuurder van een terreinwagen krijgt door de grootte van de auto en de hogere positie op de weg. Hierdoor schatten de bestuurders een risico minder goed in.

Dat laatste zullen economen natuurlijk bestrijden: een veiliger gevoel lijdt niet tot het minder goed inschatten van risico’s, maar simpelweg tot het eerder negeren daarvan.

Beursgoeroe

Hij blijft leuk, die economie van beleggingsanalisten. Op de site van de Financiele Telegraaf staat vandaag weer een hele fijne. Een fragment, en houdt u zich vooral goed vast:

De krachtige oplevingen waren vorig jaar […] eigenlijk alleen maar te verklaren door de globalisering. […] Globalisering leidde ertoe dat de wereldeconomie ook in 2006 weer buitengewoon goed presteerde en de hoogste groeicijfers sinds het begin van de economische statistiek vertoonde. Dat grenzen door de globalisering verdwijnen verhoogt de productiviteit, waardoor de winsten van bedrijven sterker stijgen dan de toename van de conjunctuur. Dat komt vooral omdat vele miljoenen goedkope arbeidskrachten in de wereldarbeidsmarkt zijn opgenomen.

Het is haast knap om in zo’n korte tijd zo’n hoeveelheid economische wetmatigheden te suggereren die op zijn zachtst gezegd nogal dubieus zijn. De analist in kwestie voorspelt dat de koersen het komende jaar ook zullen stijgen. Immers: de globalisering zal ook weer toenemen. Dat de globalisering al sinds de jaren ’50 toeneemt, maar de beurskoersen niet, dat doet er even niet toe. Nog los van het feit dat die verwachtingen natuurlijk al in de koersen zijn verwerkt.

De Jopie Award 2006!

Het is weer zover! Het einde van het jaar, dus tijd voor de traditionele uitreiking van onze Jopie Award. U weet het misschien nog wel, de Jopie Award is vernoemd naar de mevrouw die vorig jaar in Libelle memorabele uitspraken deed. De Jopie Award is oorspronkelijk bedoeld voor degene met het Slechtste Voorstel van het afgelopen jaar. Een voorstel waarvan de initiatiefnemer geen enkele rekening houdt met de desastreuze economische gevolgen ervan. Of, nog erger, die gevolgen volledig verkeerd inschat. Maar dit jaar heeft de jury besloten haar opdracht iets ruimer te interpreteren, en ook voor de prijs in aanmerking te laten komen diegene wiens uitspraken of daden meer in het algemeen getuigen van Economisch Onbenul, zeker als betrokkene in een maatschappelijke positie verkeert waar je dergelijk onbenul niet zou verwachten.

Daar gaan we. Eerst maar eens vier genomineerden die jammerlijk genoeg net naast de felbegeerde Jopie Award grepen.

Lees verder “De Jopie Award 2006!”

Emissierechten en de luchtvaart

Woensdag gaat de EU beslissen of de luchtvaartmaatschappijen ook mee moeten gaan doen aan het systeem van verhandelbare emissierechten. Dat is een bijzonder slim systeem waarbij de overheid vaststelt hoeveel CO2 er in totaal uitgestoten mag worden, maar waarbij die uitstootrechten verhandelbaar zijn. Bedrijven die in staat zijn om hun CO2-uitstoot te verlagen, kunnen hun emissierechten dan verkopen aan andere bedrijven. Op die manier kan een bepaalde beperking van CO2-uitstoot op de meest efficiente manier bereikt worden.

Het Wereldnatuurfonds is bang dat de vliegtuigmaatschappijen hun emissierechten kado gaan krijgen, en ook dat ze teveel van die rechten gaan krijgen:

De sector zou tot 3,5 miljard euro per jaar kunnen verdienen door de rechten door te verkopen of door te berekenen aan de passagiers.

Het is waar dat de maatschappijen geld kunnen verdienen door de rechten die ze niet nodig hebben, door te verkopen. Maar dat ze datzelfde bedrag zouden kunnen verdienen door de rechten door te berekenen aan passagiers, dat is vreemd. Het suggereert dat hoe meer rechten de luchtvaartmaatschappijen krijgen, des te hoger de prijs is die ze aan passagiers in rekening zullen brengen. En dat klopt niet. Sterker nog, de ticketprijs daalt juist met dat aantal rechten.
Lees verder “Emissierechten en de luchtvaart”

Elasticiteit (vervolg)

Weet u het nog? Het Ministerie van Landbouw stelde in april een miljoen beschikbaar om de vraagelasticiteit van biologische landbouwproducten (mbt. de eigen prijs en het prijsverschil met niet-biologische producten) te meten. Het resultaat is nu binnen.

Het blijkt dat consumenten voor een product dat biologisch geproduceerd is een kwart meer willen betalen. Tenminste, zoveel valt op te maken uit het persbericht, waarin staat:

Consumenten zijn naar eigen zeggen bereid 20 tot 25 procent meer te betalen voor biologische producten.

De mysterieuze woorden zijn hier `naar eigen zeggen’. Ik had de indruk dat er gemeten werd aan het daadwerkelijke gedrag, en niet naar wat mensen zeggen te doen. Want om Gregory House te parafraseren: consumers always lie. In dit geval kun je ervan uitgaan dat mensen meer biologisch zeggen te willen kopen, maar het in de winkel niet doen. Toch maar even wachten tot Landbouw het rapport vrijgeeft.

Ondertussen bij de oosterburen

Mensen reageren op economische prikkels, zelfs al dat niet politiek correct is. In Duitsland kunnen we begin volgend jaar dan ook een piek in het geboortecijfer verwachten, na een flinke dip aan het einde van dit jaar. Hoezo? Per 1 januari wordt daar het Elterngeld ingevoerd. Dat betekent dat ouders die voor hun pasgeboren kind willen zorgen en daardoor niet volledig kunnen werken, gedurende maximaal 14 maanden van de overheid een maandelijkse bijdrage krijgen van tussen de 300 en 1800 euro. Als ik het allemaal goed begrijp. Hoe dan ook, het AD meldt vandaag dat degene wiens kind wordt geboren op 1 januari in plaats van op 31 december, daardoor een voordeel heeft dat kan oplopen tot zo’n 20.000 euro. Je vraagt je dan toch af of die regeling niet had kunnen worden ingevoerd op een manier die iets minder perverse prikkels zou opleveren.

Hogere belastingen, harder zuigen

Intrigerend onderzoek in de laatste American Economic Review: hogere belastingen op sigaretten blijken nog minder effect op nicotineconsumptie te hebben dan tot nu toe werd aangenomen. Het aantal aangeschafte sigaretten mag dan wel dalen, maar de hoeveelheid nicotine die door de roker aan een sigaret wordt onttrokken, stijgt. Bijvoorbeeld omdat een roker zijn peuk minder snel weggooit, of meer gaat inhaleren. Op die manier slaagt de roker er in om die belastingverhoging middels zijn gedrag deels te compenseren. Dat blijkt uit een analyse van de hoeveelheid nicotine dat in het lichaam van rokers wordt aangetroffen, al moet ik toegeven dat de exacte medische details mij niet geheel duidelijk zijn. Hoe dan ook, de onderzoekers vinden een belastinginhaleerelasticiteit van 0,4: als de belasting op sigaretten met 1% stijgt, dan stijgt de nicotineconsumptie per sigaret met 0,4%.

(Dank aan Bastiaan)

Binnenstadklonen

Probeer eens het volgende voor een beeld van ons land eind 2006: Kijk goed rond in je eigen binnenstad, stap op de trein, reis naar het volgende intercitystation en kijk opnieuw. Vaak is het een kwestie van zoek de 10 verschillen: tussen dezelfde HEMA, Bakker Bart, Etos en Blokker als thuis staat misschien nog een lokale snackbar, maar dat is het dan wel.

Is dat erg? Sommige mensen vinden van wel: al reizend door Nederland is er nooit iets nieuws te zien, allemaal dezelfde grauwe middenmaat. Maar dit artikel over hetzelfde fenomeen in de VS bevat een aardige gedachte: hoe vervelend ook voor mensen die veel reizen, voor mensen die nooit de stad verlaten zijn winkelketens geweldig! Je kunt de keten namelijk ook zien als een manier om winkelconcepten die goed werken (en waar consumenten dus tevreden over zijn) snel landelijk door te voeren. Want stel je voor dat de HEMA alleen in Amsterdam zat en Bakker Bart alleen in Nijmegen. Slechts een kleine groep mensen zou kunnen profiteren van datgene dat duizenden klanten nu naar die winkels drijft.

Het artikel over de VS lezend vraag ik me af hoe we er in Europa aan toe zijn. Zijn Europeanen zo verschillend dat we inderdaad verschillende typen winkels willen? Of is het wachten tot de Franse hypermarche hier zijn intrede doet? Het enige succesvolle pan-Europese concept dat ik zo kan bedenken is de Ierse pub, die in werkelijk elk gat te vinden is.